FR | NL

U bent hier : Onthaal » Bezoek-evenementen » Burgerlijk erfgoed

NEWSLETTER


|
Burgerlijk erfgoed

Heel wat gebouwen in ‘s Gravenbrakel zijn geklasseerd. Zij illustreren de geschiedenis, nu eens landelijk, dan weer industrieel...

Bezienswaardigheden in ‘s Gravenbrakel: het Hôtel d'Arenberg, het Station, de reeks Art Nouveauhuizen, de muurschilderingen, standbeelden en fonteinen, het Hellend Vlak, enz.
Laten we ook het landelijk erfgoed niet vergeten.

Hôtel d’Arenberg
Dit merkwaardige gebouw, gelegen op de Grote Markt en volledig opgetrokken in blauwe steen uit Ecaussinnes, is een mengeling van locale middeleeuwse traditie en renaissancestijl. Het dateert waarschijnlijk uit de tweede helft van de XVIde eeuw (1599) en het werd in 1652 gekocht door de hertog van Arenberg, Heer van ‘s Gravenbrakel.
De campanile (torentje op het dak) herbergt een klok « la Bageole », een souvenir uit de oude stadsgevangenis. Na de afbraak van de hal werd het gebouw in 1720 verhuurd aan de Magistraten en eind XIXe eeuw werd het door de familie d’Arenberg verkocht (op 24 maart 1899 voor 28.000 frank).
De architect Charbonelle restaureerde het gebouw in 1905. Hij plaatste er een elegant torentje op en bouwde achteraan een trappenhuis met veel lichtinval. Het gebouw werd in 1914 door een brand verwoest en onderging in de loop der jaren nog talrijke herstellingswerken die er voor zorgden dat het steeds fier op de Grote Markt mocht prijken.
Tot in de jaren ‘70 deed het dienst als stadhuis en politiebureau. Momenteel is het Cultureel Centrum er gehuisvest.
Ook de kiosk op de Grote Markt is geklasseerd. Deze dateert uit de XIXde eeuw (1895).

 
Het Station
De komst van de spoorweg, waar luidkeels op aangedrongen werd door de uitbreidende katoenindustrie, zou het uitzicht van de stad totaal veranderen. Overigens werd de «rue de la Station» aangelegd, dwars door de tuinen van het Dominicanenklooster, om de toegang naar het station vanuit het centrum de vergemakkelijken.
Het station van ‘s Gravenbrakel is een van de oudste getuigen van de Belgische en Europese spoorwegarchitectuur en het doet bovendien nog steeds dienst.
Dit geklasseerde gebouw dateert van 1841 (ingewijd op 31 oktober 1841 bij de ingebruikname van het traject van Tubeke naar Jurbise) en werd opgetrokken in neo-klassieke stijl. Sinds de bouw is er niet veel aan veranderd. Enkel de verdieping van de ronde inkomhal werd afgebroken na de brand van 1917 en de glazen koepel boven de perrons werd weggehaald.
Door zijn goede ligging op het spoorwegnet trekt het station van ‘s Gravenbrakel nog steeds heel wat pendelaars aan en er komt zelfs een RER-terminal.

Huizen in «Art Nouveaustijl»
De Art Nouveau is duidelijk aanwezig in ‘s Gravenbrakel … tenminste voor wie z’n ogen open doet. Voornamelijk in de straten tussen het station vinden we gevels in Art Nouveaustijl. Deze zone werd vooral ontwikkeld vanaf de 19de eeuw.
In de rue Henri Neuman, van nummer 51 tot 63 bevindt zich een erg mooie rij van zeven (sinds 24/05/1991) geklasseerde huizen die kenmerkend zijn voor deze kunststroming. Deze huizenrij dateert uit het begin van de 20e eeuw en werd ontworpen door de Gravenbrakelse architect Emile François.
In diezelfde straat staan ook nog andere mooie woningen van een andere Gravenbrakelse architect, Jules Charbonnelle. De gevel van het pand aan de rue Neuve nr 11 is erg goed bewaard en draagt de handtekening van architect Van Zelle. In de rue du Moulin en de rue de la Station vinden we eveneens enkele pareltjes.

Muurschilderingen, standbeelden en fonteinen
In het verlengde van de grote werken voor de heraanleg van de rue de la Station, ontstond er in 1996 een ambitieus project voor de verfraaiing van het stadscentrum.
Er verschenen dus fonteinen en standbeelden op de « chemin de la gare », van het stationsplein (Place Branquart) naar de Grote Markt. Ze beelden op hun eigen manier de vele Gravenbrakelse pendelaars af; de ene loopt om zijn trein niet te missen en de andere kijkt nog eens naar de klok, de twee meisjes komen met de trein naar school.
Enkele gevels werden eveneens verfraaid door de reproductie van oude Gravenbrakelse zegels (Stadhuis, Boudewijn V-zaal – rue de la Station) of door muurschilderingen die bepaalde facetten van onze identiteit afbeelden: de geschiedenis van de Mobiliteit (TEC-fresco, stationsplein), innig verbonden met de identiteit van de stad, de portretten van de Stichter Boudewijn IV en zijn familie (op het kruispunt van de rue d’Ecaussinnes en de chaussée de Mons) of de Gouden Bruiloft van de Reuzen (Grote Markt).

In de dorpen …
Hellend Vlak van Ronquières
Het verkeer over het water bleef zich maar ontwikkelen op het kanaal Charleroi – Brussel. Het oude tracé van het kanaal was niet geschikt voor erg grote schepen. Om doorgang te kunnen verlenen aan schepen van 1350 ton, waren er aanpassingen nodig. Er werd dus een nieuw, meer rechtlijnig tracé uitgetekend.
Maar in Ronquières stelde het hoogteverschil van 68 meter de verbeelding van de ingenieurs zwaar op de proef! Uiteindelijk viel de keuze op een hellend vlak, met name om water te besparen op deze kunstmatige waterloop. In 1968 werd het hellend vlak in gebruik genomen.
Het is een unieke, gigantische en ambitieuze verwezenlijking. Het mechanisme is relatief eenvoudig: er zijn 2 bakken waar de boten in varen om het hoogteverschil te overbruggen. Deze mobiele bassins rijden over een helling van 5 %, getrokken door kabels via een systeem van windassen en katrollen. De twee bakken (elk voorzien van 236 kleine wielen) werken onafhankelijk van elkaar en kunnen meerdere boten tegelijk overzetten op erg korte tijd.
De toren biedt onderdak aan zowel tijdelijke als permanente tentoonstellingen, waaronder « un bateau, une vie », die het leven van de binnenschippers beschrijft met behulp van hedendaagse audiovisuele middelen. Je kan ook tot helemaal boven in de toren gaan en genieten van een formidabel uitzicht over de streek (je kan hier tot 33 km ver zien). Rondvaarten met een bateau-mouche of de overtocht van het Hellend Vlak staan eveneens op het programma. Deze site is open voor het publiek van april tot oktober
 
De Molen van Petit-Roeulx en de Molen van de Plouy
De eerste staat midden in het dorp Petit-Roeulx, in de rue Saint-Jean en de tweede kom je tegen, nog voor je het dorp binnenkomt, op de route de Petit-Roeulx in ‘s Gravenbrakel. Deze watermolens, ontstaan uit eenvoudige woningen, liggen beide op de Brainette, wat wel eens voor conflicten zorgde wanneer men stroomopwaarts het water tegenhield om het rad te doen draaien! Deze gebouwen illustreren perfect de topografie van dit deel van ‘s Gravenbrakel en het karakter van deze streek is door de eeuwen heen landelijk gebleven.

Ferme de l’Hosté in Steenkerque
In de alluviale Zennevlakte zorgt een landbouwersfamilie voor het onderhoud van de Ferme de l’Hosté. Dit oude verblijf van de landsheren is omringd met slotgrachten en heeft een erg zeldzaam voorportaal met vakwerk.
 

Focus

 


<December 2017>
Vandaag
MaDiWoDoVrijZaZo
123
45678910
11121314151617
18192021222324
25262728293031
Ontwikkeld door Easy-Concept  easy-concept cr�ation de sites Internet
login